Trajectbegeleiding
Iedere inburgeraar heeft vanaf het begin van het inburgeringstraject een trajectbegeleider die hem gidst doorheen het inburgeringstraject. Taal is daarbij geen hindernis. Als de inburgeraar geen of nog niet voldoende Nederlands kent, wordt gebruikgemaakt van de eigen taal van de inburgeraar of van een contacttaal, of wordt gewerkt met een (telefonische) tolk.
De trajectbegeleider is belast met de administratieve opvolging van het inburgeringstraject. Hij verwijst door naar het Huis van het Nederlands en de VDAB of Actiris in Brussel, maakt het inburgeringscontract op en ziet toe op de aanwezigheid van de inburgeraar tijdens de cursussen.
De trajectbegeleider is echter vooral een vertrouwenspersoon bij wie de inburgeraar terecht kan met allerhande vragen. Als de inburgeraar specifieke vragen heeft of specifieke begeleiding nodig heeft, zal de trajectbegeleider hem in contact brengen met de juiste voorzieningen of organisaties. De trajectbegeleider biedt bijvoorbeeld ondersteuning bij het verkrijgen van een diplomagelijkschakeling, hij kan helpen zoeken naar een gepaste school voor de kinderen, of hij helpt zoeken naar een advocaat, een psycholoog, een geschikte woning, …
Het is belangrijk dat de inburgeraar zelf mee zoekt naar oplossingen voor zijn hulpvragen. De trajectbegeleider heeft daarbij oog voor wat de inburgeraar tijdens de cursus maatschappelijke oriëntatie geleerd heeft en waarvoor hij dus al zelfstandig oplossingen kan vinden. De trajectbegeleider heeft een zicht op de basiscompetenties, de vaardigheden en het netwerk van de inburgeraar. De hulp van de trajectbegeleider wordt daarmee in de loop van het traject afgebouwd en moet aan het einde van het inburgeringstraject overbodig geworden zijn.
